info
Welkom in de wereld van Van Heutsz.

Zijn eigen woorden

Munitie

Het spreekt toch van zelf, dat men in tijd van oorlog niet geheel of grootendeels kan afhangen van het moederland, en ook geen oorlog kan voeren zonder munitie.

De Locomotief, 1 augustus 1889

   

Beknibbelzucht

Het is mijn vurige wensch als Nederlander, dat wij thans op een keerpunt staan en ook de regeering haar bekrompen politiek van onthouding en beknibbelzucht, die zoo'n treurige toestand veroorzaakte, zal willen vaarwel zeggen, zonder dat zij daartoe, maar misschien te laat, gedwongen wordt.

De Locomotief, 1 augustus 1889

   
Graag ontvang ik de nieuwsbrief:

(Af en toe en lekker kort)

Vrouwenkiesrecht

Met den besten wil van de wereld kan ik op dit oogenblik geen tijd vinden om de door U gedane vraag naar eisch te beantwoorden.
Bovendien interesseert de Nederlandsche politiek mij te weinig, om mij daarin te verdiepen. In 't kort is mijn antwoord op uwe vraag: "Hoe denkt Gij U de ontwikkeling van het Vrouwenkiesrechtvraagstuk in Nederland in de komende jaren?"
Die ontwikkeling zal naar Nederlandsche mannengewoonte, langs lijnen van geleidelijkheid gaan volgens den regel: Langzaam aan dan breekt het lijntje niet! Met bijzonderen nadruk op langzaam! De in alle opzichten volkomen gelijkstelling van man en vrouw, welke komen moet en komen zal, beleef ik zeer zeker niet meer.

Gedenkboek Nederlandsche Bond voor Vrouwenkiesrecht, 1917

   

Ronduit

Men weet in het geheele leger en vermoedelijk ook in geheel Indië, dat ik mijn oordeel, als het noodig is, of juister gezegd als ik het noodig acht, altijd ronduit zeg. Ik doe dit steeds tegen de personen zelf, of als het moet tegen derden maar dan altijd met opdracht of vergunning om er de betrokkenen mededeeling van te doen, omdat ik het altijd een zeer treurige gewoonte heb gevonden om tegen de menschen anders te praten dan men achter hun rug spreekt of schrijft.
Flinke kerels apprecieeren dat en blijven mij welgezind, anderen (de meesten) daarentegen zeggen niet dat ik ze ronduit te kennen gaf of liet geven waar het op stond, maar liegen daarentegen dat ik mij onnoodig ongunstig over hen uitliet en zeer velen in Indië hindert het dat ik steeds weiger praatjes aan te hooren en om dit te coupeeren slechts met zeer weinig menschen omga, en vooral slechts met zeer enkelen intiem ben.

Brief aan Fock, 1907

   

Geen gelden

Het defensiestelsel was in al die jaren geheel op den achtergrond geraakt; de Regeering scheen er het nut niet meer van te begrijpen, had er althans geen gelden voor over en het legerbestuur had nagenoeg niets in te brengen.

De Locomotief, 1 augustus 1889

   

Decoraties (1)

Het deed mij genoegen te vernemen dat in den ministerraad was besloten het aantal decoratiën voor ieder departement kleiner te maken dan gewoonlijk gegeven wordt. Hoe kleiner hoe liever, vooral omdat ze voor een deel vooral in hooge rangen, niet voor verdiensten toegekend worden doch meer voor langdurigen dienst.

Brief aan Fock, 1905

   

Decoraties (2)

Bij telegram bedankte ik U reeds voor Uwen gelukwensch bij mijne benoeming tot commandeur Ned. Leeuw, en [ik] herhaal dien dank bij dezen. Uwe goede bedoeling ter zake apprecieer ik ten volle. U weet natuurlijk niet dat ik persoonlijk aan decoraties geen waarde hecht en nog gaarne den tijd zou beleven dat die dingen werden afgeschaft.

Brief aan Fock, 1907

   

Sleurgeest

Persoonlijk heb ik in mijn Indische carrière telkens en telkens moeten vechten tegen den Hollandschen sleurgeest, tegen het opwerpen van bezwaren en nog eens bezwaren, tegen het eindelooze geadviseer, tegen afbrekende critiek, terwijl daden achterwege bleven.

Toespraak, 1916

   

De Atjeh-oorlog knaagt aan ons Koloniaal bezit, hij moet eindigen. Laten wij eindelijk aan de beschaafde wereld toonen, dat wij daartoe in staat zijn.

De onderwerping van Atjeh, 1893 (download-pdf)

   

Tegenwerking

De vele terechtwijzingen en pensionneeringen die ná mijn optreden in Indië als G.G. moesten volgen om leven te kunnen krijgen in den loomen gang van zaken, eindelijk te komen tot de lang verwaarloosde vestiging van Neerland's gezag in verschillende deelen van dezen Archipel, tot het scheppen van ordelijke toestanden in afgelegen gewesten, afschaffing van slavernij en het openen van nieuwe bronnen van inkomst voor den Lande enz enz, hebben het aantal mijner vijanden en bekladders nog zeer vergroot.
Dat alles heeft veel moeite, veel strijd en zorg gekost!
En al heb ik mij door het vele leed dat men van vele zijden getracht heeft mij aan te doen en de tegenwerking welke ik meermalen beschrijven moest, niet laten teneerslaan en al zal ik ook tot het einde toe op den ingeslagen weg blijven voortgaan, toch wil ik wel bekennen dat ik het oogenblik zal zegenen dat ik met fatsoen mijne betrekking in Indië zal kunnen neerleggen om mij uit het openbare leven geheel te kunnen terugtrekken en wat afleiding te gaan zoeken buiten het Land, welks bewoners in zoo groote getale, de pers voorop, met zoo'n wellust getracht hebben mij te grieven en te smaden.

Brief aan De Savornin Lohman, 1908

   

Plicht

onafhankelijk

Wij vieren thans het 100jarig feest onzer in 1813 herstelde onafhankelijkheid, maar dat wij dit kunnen doen, is helaas niet te danken aan de algemeene enthousiaste medewerking van alle Nederlanders om zich in vredestijd met ernst voortebereiden voor de taak die in oorlogstijd hun plicht is, het met de wapens in de hand handhaven van hun grootste bezit, hunne onafhankelijkheid.

Toespraak, 1913

   

Gereed

gereed

Waren wij wel ooit gereed als een oorlog uitbrak?

Toespraak, 1916

handschrift krant foto onderwerping van Arjeh